In het jaarverslag 2025 van de Raad voor de Rechtshandhaving blijkt dat fundamentele problemen binnen de rechtsketen in Curaçao, Sint Maarten en Caribisch Nederland nog altijd niet zijn opgelost. Ondanks jaren van onderzoek en aanbevelingen blijft daadwerkelijke verandering uit.
De Raad stelt vast dat veel knelpunten structureel van aard zijn en al langere tijd bekend. Denk aan personeelstekorten, beperkte middelen en zwakke organisatie binnen justitiële instellingen. Hoewel er op sommige terreinen vooruitgang wordt geboekt, is die volgens de Raad te traag en onvoldoende om het systeem echt te versterken.
Een terugkerend probleem is dat aanbevelingen niet of slechts gedeeltelijk worden opgevolgd. Vooral in Sint Maarten zijn er zorgen: daar blijven verbeteringen in detentieomstandigheden en gevangenisbeleid achter. De Raad wijst erop dat het niet ontbreekt aan analyses of adviezen, maar aan politieke wil en uitvoering.
Ook de samenwerking binnen de justitiële keten laat te wensen over. Hoewel er sprake is van overleg en gezamenlijke inspanningen, is die samenwerking vaak afhankelijk van individuen en onvoldoende structureel verankerd. Dit belemmert een effectieve aanpak van problemen die juist ketenbreed spelen.
Er worden zorgen geuit over de situatie in gevangenissen en de behandeling van gedetineerden. De opvolging van internationale aanbevelingen, zoals die van het Europees Comité ter voorkoming van foltering (CPT), blijft achter. Daarmee bestaat het risico dat fundamentele rechten onder druk staan.
Tegelijkertijd laat de Raad zien dat zij zelf stappen zet richting professionalisering. Er worden meer onderzoeken uitgevoerd, de monitoring is versterkt en de samenwerking tussen de verschillende landen binnen het Koninkrijk wordt intensiever. Toch blijft de impact van deze inspanningen beperkt zolang aanbevelingen niet worden omgezet in concrete actie.
Financieel gezien zijn er geen grote verrassingen. De verschillen tussen begroting en uitgaven blijven relatief beperkt, al kampt Sint Maarten met een negatief resultaat. Dit onderstreept opnieuw dat niet alleen beleid, maar ook middelen een rol spelen in de effectiviteit van de rechtsketen.