De Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten wil dat de lokale banken extra geld opzijzetten zolang het goed gaat met de economie. Dat geld dient als een speciale reserve voor als er later een nieuwe crisis of natuurramp uitbreekt.
De aanleiding hiervoor is de ervaring uit het verleden. Denk aan de orkanen Irma en Maria in 2017, of de coronacrisis in 2020. Veel mensen en bedrijven konden hun rekeningen of leningen toen tijdelijk niet meer betalen.
Banken leden daardoor forse verliezen en werden heel voorzichtig. Ze stopten vrijwel met het verstrekken van nieuwe leningen en hypotheken. En juist op het moment dat mensen en bedrijven steun nodig hadden, ging de geldkraan dicht.
De centrale bank voert daarom een verplichte ‘spaarbuffer’ in. Gaat het goed met de economie op de eilanden? Dan moeten banken verplicht wat meer geld in hun eigen reservekas houden.
Breekt er vervolgens een crisis uit? Dan zegt de CBCS dat ze die reserve nu mogen gebruiken. Hierdoor hoeft de bank niet direct op de rem te trappen en kunnen burgers en ondernemers gewoon geld blijven lenen voor een huis, auto of bedrijf.
Op dit moment staan de banken op Curaçao en Sint Maarten er financieel heel gezond voor. Er is voldoende geld in huis. Er is dus geen directe nood. De CBCS gaat nu eerst in gesprek met de commerciële banken en geeft ze een heel jaar de tijd om zich op de nieuwe regels voor te bereiden.