Afgelopen week heeft het Openbaar Ministerie Curaçao zeven ondernemers gedagvaard. Zij hebben meerdere keren geen of te laat winstbelastingaangiftes ingediend, of geen informatie verstrekt aan de Belastingdienst. Daarnaast zijn zes ondernemers, die eerder al zijn veroordeeld, opnieuw opgeroepen. Zij hebben zich niet gehouden aan de voorwaarden van hun voorwaardelijke gevangenisstraf. Dat heeft het Openbaar Ministerie deze week bekendgemaakt. De rechter heeft in drie zaken een onvoorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd. In de andere zaken kregen de veroordeelden een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 tot 4 maanden, met een proeftijd van drie jaar. Er is niemand vrijgesproken.
De officier van justitie heeft verder gewaarschuwd dat er nog een ambtshalve cassatieprocedure loopt met betrekking tot de kwijtschelding van belastingschulden van meer dan 1 miljoen van vóór 2017. Dit kan ertoe leiden dat deze schulden alsnog moeten worden voldaan. Het Openbaar Ministerie merkt op dat ondanks de bevindingen van SOAB en de daaropvolgende reacties van de Minister van Financiën, staatssecretaris Van Huffelen (NL) en het College financieel toezicht (Cft), recent nog gunstige betalingsregelingen tot stand zijn gekomen waarbij geen draagkrachtmeting is toegepast. In één geval leidde dat tot een terugbetalingstermijn van ruim 200 jaar.