Oud-CBCS-directeur Emsley Tromp is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden. Dat heeft het Hof gisteren bepaald. Daarmee komt een einde aan een slepende strafzaak die al sinds 2016 loopt.
Het Hof acht bewezen dat de voormalige topman van de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten zich schuldig heeft gemaakt aan valsheid in geschrifte. Het draait om een leenovereenkomst uit 2009 tussen Tromp en voormalig CBCS-onderdirecteur René Lourents. Volgens de rechters gaf dat document een valse voorstelling van zaken over een bedrag van 400.000 dollar.
De verdediging van Tromp voerde aan dat het ging om legitieme zakelijke transacties en sprak zelfs van een politiek proces, maar het Hof verwierp die argumenten. De rechters rekenen het Tromp zwaar aan dat hij als bankpresident het vertrouwen in de financiële sector heeft geschaad. Juist in die functie is integriteit essentieel, aldus het Hof.
Dat de straf volledig voorwaardelijk is, komt door de enorme duur van de zaak. Het proces sleepte zich tien jaar voort en dat weegt mee als verzachtende omstandigheid. Ook hield het Hof rekening met het feit dat Tromp niet eerder is veroordeeld. De oud-bankpresident hoeft dus niet de cel in, mits hij zich de komende twee jaar aan de voorwaarden houdt.