Koning Willem-Alexander was gisteren op Aruba voor de viering van Dia di Himno y Bandera. Daarbij werd stilgestaan bij twee belangrijke mijlpalen: vijftig jaar vlag en volkslied en veertig jaar Status Aparte.
In zijn toespraak benadrukte de koning de sterke band binnen het Koninkrijk en noemde hij Aruba een trots en autonoom land. Ook sprak hij waardering uit voor de Caribische blik van het eiland, die volgens hem bijdraagt aan een sterkere positie op het wereldtoneel.
Tegelijkertijd ging hij in op zorgen voor de toekomst. Zo noemde hij de groei van het toerisme, migratie en de onzekere internationale situatie, onder meer in buurland Venezuela. Volgens de koning kan het gevoel van veiligheid daardoor onder druk staan.
Hij benadrukte dat Aruba er niet alleen voor staat en dat solidariteit binnen het Koninkrijk essentieel blijft.
De koning sloot af met felicitaties aan de bevolking en prees Aruba om zijn warmte, gemeenschapszin en gastvrijheid.
Daarna vloog Willem-Alexander door naar Curaçao waar hij ’s avonds Vittle Art van Kris Kierindongo bezocht. Daar sprak hij met inwoners over hoe zij de geopolitieke spanningen in de regio en de mogelijke gevolgen daarvan ervaren.