Minister Silvania van Gezondheid, Milieu en Natuur heeft bij Pro Bista hulpmiddelen uitgereikt aan mensen met een visuele beperking. Eerder dit jaar had Minister Silvania twee bedragen beschikbaar gesteld van in totaal 152.000 Caribische gulden met als doel om hulpmiddelen voor deze groep blinden en visueel beperkten aan te schaffen. De aangeschafte hulpmiddelen bestaan uit witte stokken, software voor spraakuitvoer en digitale loepen. De hulpmiddelen worden kosteloos aan de cliënten verstrekt.
Tevens heeft de Minister de nieuwe werkwijze van de indicatiecommissie AVBZ ondertekend voor mensen met een visuele beperking. Deze nieuwe werkwijze houdt in dat er op basis van een individueel behandelplan per cliënt wordt bekeken aan welke hulpmiddelen behoefte is. Dit behandelplan wordt vervolgens van een advies voorzien door de indicatiecommissie, waarna de hulpmiddelen kunnen worden aangeschaft. Minister Silvania zegt: ‘In de afgelopen maanden ben ik meermaals in gesprek gegaan met de cliënten van Pro Bista. Uit de gesprekken vernam ik dat er grote behoefte is aan hulpmiddelen voor blinden en visueel beperkten. Daarom heb ik twee incidentele bedragen beschikbaar gesteld om extra hulpmiddelen aan te schaffen, en deze kosteloos aan de cliënten van Pro Bista te verstrekken. Daarnaast heb ik onderzocht wat de oorzaak is van de trage verstrekking van hulpmiddelen, en kwam samen met de indicatiecommissie AVBZ en met SVB tot de conclusie dat de werkwijze aangepast moet worden. Vandaag heb ik de nieuwe werkwijze bekrachtigd, waardoor er per cliënt een individueel behandelplan wordt gemaakt. Dat behandelplan wordt vervolgens door specialisten getoetst, waarna bekeken wordt welke hulpmiddelen of begeleiding gegeven kan worden. Door de nieuwe werkwijze zullen er meer en sneller hulpmiddelen toegekend worden. De groep blinden en mensen met een visuele beperking zijn onderdeel van onze samenleving. Vanuit mijn positie als Minister van Gezondheid, Milieu en Natuur bied ik ondersteuning aan deze mensen zodat zij, met hun handicap, beter in staat zijn om in onze maatschappij te functioneren.’